Image

Lang Leve de Liefde: les van Zhevondra

Studenten van de minor Diversiteit in de Stad aan de Hogeschool van Amsterdam hebben de afgelopen maanden lessen over liefde en relaties gegeven aan MBO-studenten om de lesmethode 'Lang leve de liefde' te helpen implementeren in het MBO-onderwijs. Zhevondra studeert Sociaal Pedagogische Hulpverlening. Zij deed mee met dit project en vertelt ons hoe het is verlopen.
 Hoe ben je bij het project “Lang Leve de Liefde” terechtgekomen?
Ik deed de minor Diversiteit en de Stad. Je mocht binnen deze minor kiezen welk project je wilde doen, en ik kon kiezen tussen een project over het empoweren van vrouwen of  het project Lang Leve de Liefde op het MBO. Eigenlijk was dit mijn laatste keuze. Ik kom namelijk zelf ook van het MBO en ik had nooit gedacht dat ik daar ook zelf voor de klas zou staan. Ik was vroeger vaak vervelend in de klas en ik deed het liefst wat ik zelf wilde. Dus het laatste wat ik wilde was een docent worden, dat leek mij veel te heftig. Daarom leek dit project mij in eerste instantie niets. Uiteindelijk werd ik toch ingedeeld bij dit project. En wat bleek? Ik vond het al snel heel leuk en leerzaam. Ik ga er nu zelfs mee verder: het project is al afgelopen, maar de overige schoolklassen die nog les moeten krijgen ga ik ook nog lesgeven!
 
Hoe verliep het lesgeven?
We kregen eerst twee inhoudelijke trainingen van de GGD, die de lessen aan MBO-scholen aanbiedt. Hier deden wij bijvoorbeeld een rollenspel: zo kregen we meer inzicht in hoe we konden omgaan met de reacties van de studenten. Onze medestudenten van de minor konden ons dan feedback geven. Dat bereidde ons voor op de werkelijkheid.  Vervolgens begon het lesgeven zelf. We gaven les met z’n tweeën, en alle klassen kregen twee lessen. Van de GGD kregen we de lessen aangeleverd, die namen we eerst door met elkaar.
 
De eerste les was vrij neutraal. Zo leerden we de klas kennen. Dan weet je bij het voorbereiden van de volgende les: de vorige keer reageerden ze op een bepaalde manier, dus dan kunnen we nu het best dat wel vertellen, en dat niet. We kregen bijvoorbeeld tien stellingen per les van de GGD. Maar wij kwamen er al snel achter dat het bij bepaalde klassen beter was om minder stellingen te behandelen, maar er dieper op in te gaan. Dat weet je niet in het begin, maar dat merk je pas als je voor de klas staat.
 
Wat was het doel van het project?
Het doel van het project was om de studenten nieuwe inzichten mee te geven. De onderwerpen die met liefde en lust te maken hebben, moeten bespreekbaar worden in de klas. Het is belangrijk dat studenten respect tonen voor elkaars mening. Dit stond bij mij hoog in het vaandel. Als je het ergens niet mee eens bent, ben ik er niet om een mening te veranderen. Iedereen mag een eigen mening hebben, zolang iedere mening gerespecteerd wordt.
 
Wat vond je een leuk onderwerp om te bespreken?

Op een gegeven moment hadden we het over de stelling “homoseksualiteit is niet aangeleerd, maar aangeboren”. Dit onderwerp zorgde voor veel ophef in de klas en we kregen veel vragen. Zo vroegen een aantal jongens aan ons of het waar was dat je van de ene op de andere dag wakker kon worden als homoseksueel. Dat hadden ze ooit gehoord en daar wilden ze meer over horen. Een meisje zei tijdens deze discussie: “Je hebt de wetenschap, maar je hebt ook het geloof. Ik volg niet de wetenschap, maar mijn geloof”. Daar hebben we vervolgens met elkaar over gepraat. Ik probeerde heel neutraal te blijven als mensen het ergens niet mee eens waren. En ik hamerde op het hebben van respect voor elkaars meningen. Vooral bij een onderwerp als homoseksualiteit.
 
De leerlingen hadden veelal dezelfde leeftijd als jij. Hoe ging dat?
Het peer-to-peer lesgeven was leuk, maar ik vond het wel spannend in het begin. Mijn partner bij het lesgeven en ik hebben allebei ook op het MBO gezeten, dat gebruikten wij bij elke eerste les als ijsbreker. Dan merkte je dat de leerlingen wat toegankelijker werden. Als feedback kregen wij bijvoorbeeld te horen dat ze het prettig vonden dat wij niet hoger stonden dan zij. Onze houding en manier van praten hielpen ook wel om met ze te levelen.
 
Wel waren de leeftijdsverschillen in de klassen groot. Je had leerlingen van 16, maar ook leerlingen die gewoon al een gezin hadden. We hadden bijvoorbeeld een man in één van de klassen die eerst niet wilde meedoen met de les. Hij zei: dit is kinderachtig. Ik heb al kinderen, dit is niets voor mij. Dat begrijp ik natuurlijk wel, maar het is toch verplicht. Dus zeiden wij tegen hem dat iedereen er wel wat aan heeft om hierover te praten en te discussiëren. Het is actueel, kijk maar wat er in Orlando is gebeurd. Uiteindelijk was hij een van de actiefste deelnemers in de discussies!
 
NB: Dit project is uitgevoerd in het kader van de Roze Agenda. Afgelopen semester was de eerste keer dat de GGD en Academie van de Stad samenwerkten om dit project uit te voeren. De reacties vanuit de MBO’s zijn positief, en daarom zijn er plannen om komend semester een doorstart te geven aan het project.