Image

Preventie Jeugddakloosheid Zuidoost

Een dak boven je hoofd, voor de meeste jongeren een vanzelfsprekend fenomeen. Sommige jongeren dreigen echter dakloos te worden of zijn dat al. Studenten van de Minor Jeugdzorg en Hulpverlening hebben onderzocht hoe scholen, het stadsdeel en andere organisaties de handen in elkaar kunnen slaan om jeugddakloosheid tegen te gaan. ‘We moeten koste wat het kost voorkomen dat kinderen op straat komen. Ze komen in zo’n situatie namelijk terecht bij mensen, waar geen kind bij in de buurt zou moeten zijn.’
In het stadsdeelkantoor aan het Anton de Komplein staan de vijf dames van de Minor Jeugdzorg en Hulpverlening al klaar om te beginnen met het presenteren van hun bevindingen, maar eerst krijgen zij een hartelijk welkom van  wethouder Onderwijs, Jeugd, Armoede, Welzijn en Diversiteit Muriël Dalgliesh. ‘Dakloosheid onder jongeren is een zeer actueel onderwerp. Laatst sprak ik nog met een groep jongeren die tegen mij zeiden dat er speciale aandacht moest komen voor minderjarige daklozen, aangezien deze groep tussen wal en schip dreigt te vallen. Daar ben ik het mee eens en daarom zijn wij hier vandaag. Ik ben daarom ook erg benieuwd naar de bevindingen.’

De studenten hebben het afgelopen jaar onderzoek gedaan naar de factoren die bepalend zijn voor de woonstatus van scholieren van het Bindelmeer College. ‘Het Bindelmeer College en breder getrokken, Zuidoost, zijn zeker niet de enige plekken waar jeugddakloosheid een probleem is. Er zijn echter wel wat factoren aan te wijzen waardoor de jeugd hier wellicht een grotere kans loopt om dakloos te raken.’ De studenten hebben 123 scholieren van het Bindelmeer College en professionals van 12 verschillende organisaties geïnterviewd.  Veel van de leerlingen komen uit een gebroken gezin waar de vader geen of een bescheiden rol in de opvoeding speelt. Daarnaast zijn de gezinnen vaak groot en geeft meer dan een derde van de scholieren aan met meer dan vijf personen thuis te wonen. Het opleidingsniveau en inkomen van de ouders zijn vaak laag en in Zuidoost liggen ook de schoolprestaties onder het landelijk gemiddelde. Toch is er, aldus de professionals, geen eenduidige oorzaak aan te wijzen voor jeugddakloosheid. De problematiek in dergelijke gezinnen is vaak complex en er is een scala aan omstandigheden die kunnen bijdragen aan het dakloos raken van een jongere. 

Desondanks zijn er wel zaken die bijdragen, hetzij in positieve, hetzij in negatieve zin, wanneer het aankomt op de woonstatus van een jongere. Deze zijn terug te vinden in het netwerk van de scholier. Jongeren met een stabiele thuissituatie, die een rolmodel in hum omgeving hebben en naast met hun ouders ook veel contact hebben met hun verdere familie lijken minder snel dakloos te raken. Jongeren waarvan wiens ouders weinig betrokken zijn, die afgewezen worden door hun familie en die leven volgens de mores van de straatcultuur lopen een grotere kans om op straat te belanden. ‘Het is belangrijk om als docent of hulpverlener te blijven signaleren of jongeren thuis, of elders, problemen ervaren. Als een jongere vaak in contact komt met de politie is dat een logische indicator dat het waarschijnlijk niet zo goed met hem of haar gaat, maar er zijn ook andere subtielere indicatoren. Let bijvoorbeeld op continue wijzigende telefoonnummers van scholieren en vraag of ze al ontbeten hebben ’s ochtends. Veel kinderen met een problematische achtergrond krijgen thuis namelijk niet goed te eten. 

Naast de rol die docenten en hulpverleners op zich kunnen nemen is er ook behoefte aan een project dat zich richt op de opvang en begeleiding van leerlingen die tijdelijk dakloos zijn of dreigen te worden. ‘Het is belangrijk om de jongeren te empoweren en te laten zien waar zij goed in zijn, in plaats van te wijzen op de dingen die zij niet kunnen’ zegt een van de studenten. Haar collega vult aan ‘Daarnaast, ik weet dat dit in verband met de crisis moeilijk ligt, maar de woonsituatie is problematisch. Er zijn te veel mensen die veel te krap wonen, met alle gevolgen van dien.’ Als het aankomt op de behandeling van jongeren die helaas al dakloos zijn geworden, dan zijn de studenten heel stellig.  ‘Er moet meer daadwerkelijke, residentiële opvang voor deze jongeren zijn. Ambulante zorg is ook belangrijk, maar kan geen vervanger zijn.’ De docenten van het Bindelmeer College zijn het hier mee eens. ‘Voor onze minderjarige scholieren is er op dit moment geen adequate opvang voor de korte termijn. Als een kind een zwaarwegend conflict heeft met zijn ouders dan zou het goed zijn als hij of zij gedurende 1 of een paar dagen ergens terecht kan, bijvoorbeeld onder begeleiding van studenten die een relevante opleiding volgen.’ Aanwezige hulpverleners van Straatvisie vinden dit een goede suggestie. ‘We moeten koste wat het kost voorkomen dat kinderen op straat komen. Ze komen in zo’n situatie namelijk terecht bij mensen, waar geen kind bij in de buurt zou moeten zijn.’

Wethouder Dalgliesh neemt de suggestie mee en is blij met het onderzoek van de studenten. ‘Dit onderzoek brengt ons weer een stap verder in het oplossen van jeugddakloosheid. Het is altijd goed om jonge mensen een dergelijk onderzoek uit te laten voeren, dan wordt er met een frisse blik naar gekeken.’

Bekijk hieronder een foto-impressie van de presentatie.  


De wethouder opent.


Het woord is aan de studenten.


De presentatie ontlokt een discussie.


De studenten luisteren aandachtig.


De presentatie loopt alweer op zijn einde.